Zoekmotor  



Zoeken van A tot Z
Siteplan
U bevindt zich hier: FAVV > Consumenten > Thematische onderwerpen > Dierengeneesmiddelen DE   •   FR   •   NL   •   EN  

Startpagina Over het FAVV Contact Beroepssectoren Consumenten Raadgevend Comité Wetenschappelijk Comité Publicaties Praktisch

 
 
   
Dierengeneesmiddelen

Wat zijn dierengeneesmiddelen?

Dieren kunnen, net als mensen, ziek worden en net als bij de mens doet men bij dieren een beroep op geneesmiddelen om ziekten te behandelen of te voorkomen. Bij slachtdieren (dit zijn dieren zoals runderen, varkens of kippen, die gekweekt worden voor consumptie) kunnen er nog restanten (residu's) van deze geneesmiddelen aanwezig zijn op het moment van de slachting. Dit geldt ook voor dierlijke producten zoals melk, eieren en honing. De consument die de dierlijke producten opeet, zou dan tegelijkertijd ook de residu's van het geneesmiddel kunnen opnemen. Om dit te voorkomen zijn er wettelijke Europese regels vastgelegd. Zij moeten ervoor zorgen dat de dierlijke producten die aan de consument worden aangeboden, veilig zijn.

 

Waarom worden dierengeneesmiddelen gebruikt in de dierlijke productie. Zijn er geen alternatieven?

De behandeling van de dieren kan therapeutisch (genezend) zijn of profylactisch (preventief of voorbehoedend). Opdat een dier goed zou groeien, moet het in de eerste plaats gezond zijn. Een veehouder zal er dan ook alles aan doen om zijn veestapel gezond te houden om zo economische verliezen te beperken. Mogelijke alternatieven voor dierengeneesmiddelen zijn preven-tieve vaccinatie tegen bepaalde virale, bacteriële en parasitaire ziekten, het toedienen van zogenaamde probiotica, goed bedrijfsmanagement of nog een lagere veebezetting per bedrijf. Door de vaccinatie maakt het dier namelijk antistoffen die het in staat stelt een eventuele infectie van het betreffende organisme af te slaan. Probiotica zijn goedaardige micro-organismen (bacteriën, gisten) die via het voeder aan de dieren toegediend worden. Hun positieve werking is voornamelijk gesteund op het feit dat ze de darmflora opnieuw in evenwicht brengen; ze verdringen de kwaadaardige micro-organismen en verhogen de natuurlijke immuniteit. Dat een goed stalklimaat, inclusief een lagere bezettingsgraad, gunstig is voor de dierengezondheid hoeft geen betoog.

 

Kunnen er bij gebruik van dierengeneesmiddelen residu 's achterblijven in de dierlijke producten?

Enkel toegestane geneesmiddelen mogen worden gebruikt. De toelating gebeurt door Europa nadat de veiligheid van de substanties grondig door het Europees Bureau voor geneesmiddelenbeoordeling geëvalueerd werd. De toelating gebeurt voor elk type dier afzonderlijk; runderen, varkens, gevogelte, vissen… Een antibioticum dat bijvoorbeeld voor varkens toegestaan is, moet een aparte toelating krijgen alvorens het mag dienen voor bv. gevogelte. Bij de toelating horen Maximale Residugehalten (MRG's). Dit zijn limieten boven dewelke geen residu's in voedingsmiddelen aanwezig mogen zijn. Deze limieten worden vastgelegd voor vlees en organen (lever, nieren) maar ook voor eieren, melk en honing. Voedingsmiddelen met residu's boven deze grenswaarde mogen niet verkocht worden. Enkel dierengeneesmiddelen waarvoor een dergelijke MRG-waarde geldt, mogen worden gebruikt. De verantwoordelijkheid van de dierenarts is hier bijzonder groot, maar ook de kweker/producent moet zich aan de regels houden. Beiden moeten op termijn een geneesmiddelenregister bijhouden. Het voorschrijven, toedienen en verschaffen van dierengeneesmiddelen behoort tot de verantwoordelijkheid van de dierenarts. Hierbij is een goed beheer van de geneesmiddelenvoorraad en het geneesmiddelenregister op de veeteeltbedrijven onontbeerlijk.De verantwoordelijke van de dieren dient de gebruiksvoorwaarden op de bijsluiter omtrent de posologie (dosering) en de wachttijden te respecteren. De wachttijd is de tijd tussen de laatste toediening van het geneesmiddel en het slachten of het in de handel brengen van producten van dierlijke oorsprong (melk, eieren) opdat het residugehalte in deze producten lager zou zijn dan de vastgestelde MRG-waarde.

 

Kunnen residu 's van dierengeneesmiddelen gevaarlijk zijn voor de gezondheid?

Indien dierengeneesmiddelen niet correct gebruikt worden of indien producten gebruikt worden die niet toegestaan zijn, kan dit aanleiding geven tot residu's die gevaarlijk kunnen zijn voor de gezondheid. Bepaalde stoffen kunnen een verstoring veroorzaken van de hormonenhuishouding (DES, schildklierremmers, corticosteroïden). Een ander mogelijk gevolg dat de jongste tijd veel aandacht heeft gekregen, is de opwekking van resistentie bij bacteriën tegen antibiotica. Veelvuldig gebruik van antibiotica in de dierlijke sector en in de menselijke geneeskunde, leidt tot resistente bacteriën die een gevaar vormen voor de doeltreffendheid van antibiotica.

 

Waarom gebruikt de veeteelt antibiotica?

Dieren krijgen antibiotica om verschillende redenen :

- redenen van therapeutische aard. Als het dier ziek is, krijgt het antibiotica door inspuiting of langs het voeder of het drinkwater toegediend; ziektepreventie. Ter voorkoming van bijvoorbeeld uierontsteking (mastitis) bij koeien tijdens de periode dat ze geen melk produceren (droogstand);

- groeibevordering. De toediening gebeurt via inmenging in het voeder. Het betreft lage dosissen, maar het gebruik is wijd verspreid in de intensieve veeteelt. De strikte voorwaarden waaronder deze groeibevorderaars mogen worden gebruikt, zijn Europees vastgelegd en in de Belgische wetgeving opgenomen. Omdat de vrees bestaat dat dit gebruik zou kunnen leiden tot resistentieontwikkeling, zijn er vandaag slechts 4 actieve stoffen toegelaten. Het gaat om categorieën die niet in de humane geneeskunde gebruikt worden.

 
Wat met hormonen?

Het gebruik van hormonen in de vetmesting is in België, net als in de hele Europese Unie,verboden.Dat zorgt regelmatig voor grote spanningen tussen de EU en die landen die het gebruik van sommige natuurlijke of lichaamseigen hormonen onder bepaalde voorwaarden wel toelaten (bv. in de Verenigde Staten). Men onderscheidt twee groepen hormonen. Naast de scheikundige of synthetische hormonen zijn er ook natuurlijke of lichaamseigen hormonen. De Verenigde Staten (en sommige andere landen) laten een gecontroleerd gebruik van bepaalde hormonen toe waarvan niet honderd procent bewezen is dat ze niet schadelijk zijn. De Europese Unie hanteert een andere aanpak. Ze heeft al jaren het gebruik van gelijk welk hormoon in de vetmesting verboden. Met haar aanpak bewijst de EU dat het perfect mogelijk is dieren te kweken zonder zijn toevlucht te nemen tot hormonen. De EU laat wel bepaalde hormonen toe voor bv. Therapeutische doeleinden, mits voorafgaandelijk een maximumwaarde voor residu's is vastgelegd.

 

 

 

Laastste update: 23.10.2008




Gebruiksvoorwaarden & disclaimer    |   Copyright © 2012 FAVV-AFSCA. Alle rechten voorbehouden.